Je hebt het nooit hardop gezegd, maar het gevoel is er al jaren. Of je hebt het wel benoemd, maar merkt dat er in je omgeving weinig ruimte voor is. Biseksuele mannen in Nederland zijn met een aanzienlijke groep, maar in gesprekken over gezondheid en welzijn komen ze nauwelijks voor. Wij van Meneer.nl zien dat ook terug in wat er geschreven wordt: er is veel aandacht voor homoseksuele mannen en voor heteroseksuele mannen, maar bi mannen vallen er telkens tussenuit. In dit artikel kijken we naar wat onderzoek zegt over gezondheid, welzijn en identiteit bij biseksuele mannen, en wat je daar zelf concreet mee kunt.
Waarom bi mannen zo weinig zichtbaar zijn
In mannenmedia, ook op sites als deze, gaat het zelden specifiek over biseksualiteit bij mannen. Dat is geen toeval. Bi mannen vallen precies tussen twee stoelen: ze passen niet in het ‘gewone’ verhaal over hetero zijn, maar worden in lhbti-media ook zelden apart besproken. Het gevolg is dat veel bi mannen opgroeien zonder herkenbare voorbeelden. Onderzoek wijst uit dat dit gebrek aan representatie direct bijdraagt aan een negatief zelfbeeld. Je raakt eraan gewend om jezelf weg te stoppen.
Is biseksualiteit bij mannen wetenschappelijk erkend?
Ja, voluit. Er was lange tijd scepsis, ook onder onderzoekers, maar fysiologisch en psychologisch onderzoek heeft dat beeld rechtgezet. Zo toonden studies waarbij seksuele opwinding objectief werd gemeten aan dat mannen die zichzelf als biseksueel omschrijven, inderdaad meetbare reacties hebben op zowel mannen als vrouwen. De American Psychological Association erkent biseksualiteit als een volwaardige en stabiele seksuele oriëntatie. In Nederland hanteert het Rutgers Kenniscentrum Seksualiteit dezelfde positie. Het twijfelt dus nergens meer officieel.
Hebben bi mannen het mentaal moeilijker?
Ja, dat laten cijfers consequent zien. Bi mannen scoren gemiddeld hoger op angstklachten en depressieve symptomen dan zowel heteroseksuele als homoseksuele mannen. Dat klinkt contra-intuïtief, maar heeft een duidelijke verklaring: het zogenoemde dubbele stigma. Bi mannen worden niet alleen geconfronteerd met homofobie vanuit heteroseksuele omgevingen, maar ook met bifobie binnen de lhbti-gemeenschap zelf. Denk aan opmerkingen als ‘je kiest er uiteindelijk toch voor’ of ‘bi betekent eigenlijk gewoon homo’. Beide kanten trekken en dat kost energie.
Wat is het dubbele stigma precies?
Het dubbele stigma houdt in dat bi mannen vanuit meerdere hoeken worden gewantrouwd of ontkend. Vanuit heteroseksuele vrienden of familie hoor je soms dat biseksualiteit een fase is of een excuus. Vanuit de gay gemeenschap bestaat soms het idee dat bi mannen zich niet volledig committeren of ‘het makkelijker hebben’ doordat ze in een relatie met een vrouw kunnen doorgaan voor hetero. In de praktijk betekent dit dat bi mannen nergens automatisch thuishoren. Dat gevoel van niet-erkend worden is een concrete stressfactor die onderzoek linkt aan slechtere gezondheidsuitkomsten.
Speelt coming-out voor bi mannen anders?
Absoluut. Homomannen komen vaak één keer uit, waarna de oriëntatie min of meer vastligt in het oog van de buitenwereld. Bi mannen moeten, als ze er al over praten, dit telkens opnieuw doen. Ben je met een vrouw? Dan gaat de omgeving ervan uit dat je hetero bent. Ben je met een man? Dan gaan mensen er soms van uit dat je gay bent. Dit maakt coming-out een aanhoudend proces in plaats van een eenmalig moment. Veel bi mannen kiezen er dan ook voor om nooit volledig uit te komen, ook niet tegenover zichzelf. Onderzoek koppelt dit aan hogere niveaus van chronische stress en eenzaamheid.
Hoe gaan bi mannen om met relaties?
Bi mannen hebben in de praktijk relaties die er van buitenaf soms ‘gewoon hetero’ of ‘gewoon gay’ uitzien, afhankelijk van de partner. Dat maakt het lastiger om de eigen identiteit zichtbaar te houden. Uit onderzoek blijkt dat bi mannen in langdurige relaties met vrouwen relatief weinig over hun biseksualiteit praten, ook niet met hun partner. Dat heeft gevolgen voor intimiteit en verbondenheid. Bi mannen in open relaties of met partners die hun oriëntatie kennen en accepteren, rapporteren gemiddeld hogere relatietevredenheid. Openheid loont dus, al vraagt dat moed en de juiste partner.
Gezondheid, seks en zorgmijding
Op het gebied van seksuele gezondheid vallen bi mannen soms buiten reguliere voorlichtingscampagnes die ofwel op hetero- ofwel op homoseksuele mannen zijn gericht. Daardoor ontvangen ze minder gerichte informatie over soa-preventie. Belangrijker nog: bi mannen mijden de huisarts en ggz vaker dan andere groepen. De reden is praktisch en pijnlijk tegelijk: ze verwachten niet serieus genomen te worden, hebben eerder negatieve ervaringen gehad of willen simpelweg niet hoeven uitleggen wie ze zijn. Wij van Meneer.nl horen dit terug als we over dit onderwerp schrijven. Het is een reëel drempel die betere zorg in de weg staat.
Bi zijn op het werk
De meeste bi mannen zijn niet open over hun seksuele oriëntatie op de werkvloer. Volgens Europees onderzoek is het percentage bi mannen dat out is op het werk aanzienlijk lager dan het percentage homomannen. De redenen: angst voor niet serieus genomen worden, onbegrip van collega’s en het gevoel dat het er toch niet toe doet. Maar onderzoek laat ook zien dat bi mannen die op het werk kunnen zijn wie ze zijn, minder burn-outklachten rapporteren en meer werkplezier ervaren. Het kost moeite om er niet over te hoeven nadenken, dag in, dag uit.
Wat helpt bij meer zelfacceptatie?
Hier is de onderzoeksliteratuur vrij eenduidig over. Het vinden van lotgenoten is de meest effectief bewezen stap naar een gelukkiger leven. Niet per se in de vorm van een grote groep of een pride-optocht, maar gewoon één of twee mensen die begrijpen wat je meemaakt. Verder helpt:
- Bewust omgaan met de manier waarop je jezelf in gedachten beschrijft. Negatieve zelflabels, ook impliciete, beïnvloeden je stemming aantoonbaar.
- Therapie bij een zorgverlener die aantoonbaar positief staat tegenover lhbti-patiënten. Dit is niet overbodig: onderzoek toont aan dat geaffirmeerde therapie effectiever is dan generieke gesprekstherapie bij bi mannen met angst- of depressieklachten.
- Informatie zoeken bij betrouwbare bronnen, niet bij willekeurige forums. Kennis over je eigen oriëntatie reduceert schaamte.
Ervaringsdeskundigen benadrukken bovendien iets simpels: je hoeft het niet aan iedereen uit te leggen. Zelfacceptatie begint bij jezelf, niet bij het overtuigen van je omgeving.
Waar vind je hulp en lotgenoten in Nederland?
Er zijn in Nederland een paar betrouwbare plekken om te beginnen. COC Nederland heeft regionale afdelingen waar groepen voor bi mannen actief zijn of kunnen worden opgericht. Rutgers.nl biedt wetenschappelijk onderbouwde informatie over seksuele gezondheid, ook specifiek over biseksualiteit. Voor professionele hulp kun je via je huisarts doorverwezen worden naar een ggz-aanbieder, maar vraag expliciet naar een therapeut met ervaring met seksuele diversiteit. Het Pink Panel van het UvA-AMC of specifieke lhbti-poliklinieken in grotere steden zijn concretere opties als je weet dat je een zorgverlener wilt die dit terrein kent.
Wat het onderzoek laat zien is duidelijk: bi mannen lopen een verhoogd risico op psychische klachten, deels door isolement en het gebrek aan herkenning in hun omgeving. Dat heeft weinig te maken met de seksuele oriëntatie zelf, en alles met hoe zichtbaar en bespreekbaar die is. De kennis groeit, maar de beschikbare ondersteuning loopt nog achter. Praktisch gezien: als dit speelt in jouw leven, is het de moeite waard om te kijken welke informatie of hulp er is bij organisaties als Rutgers of COC. Een gesprek met een huisarts die er vertrouwd mee is, helpt ook al een stuk verder dan niets doen.
